Voorjaar in aantocht: vogels komen en gaan
Ochtenden beginnen weer met het vertrouwde geluid van zingende merels en koolmezen. Turkse tortels vliegen rond met nestmateriaal, kokmeeuwen trekken weg uit stedelijk gebied en in bosjes klinkt het kenmerkende ‘tjif-tjaf’ van de tjiftjaf. Het voorjaar laat zich steeds duidelijker voelen: wintervogels maken zich op om te vertrekken, terwijl andere soorten juist weer terugkeren naar Nederland.
Meteorologisch is het voorjaar nog niet begonnen, maar met de toenemende zonneschijn en langere dagen komt de natuur al duidelijk in beweging. Vogelliefhebbers kijken reikhalzend uit naar dit seizoen, in de lente verandert immers het vogelbestand én hun gedrag en zichtbaarheid. Zangactiviteit neemt toe, territoria worden bezet en de eerste tekenen van het broedseizoen dienen zich aan.
De timing van de natuur
Hoe het voorjaar zich precies ontwikkelt, verschilt van jaar tot jaar. Dat heeft te maken met fenologie: de studie van jaarlijks terugkerende natuurverschijnselen en het moment waarop ze plaatsvinden. De timing van zulke gebeurtenissen – de fenofasen – wordt sterk beïnvloed door temperatuur en andere weersomstandigheden. Bij vogels kunnen de eerste waarnemingen van een soort daarom per jaar flink verschillen. In zachte winters of warme vroege lentes kunnen soorten eerder verschijnen of sneller actief worden. In koudere voorjaren kan dit proces juist vertraagd zijn. Door deze patronen over meerdere jaren te volgen, ontstaat een beter beeld van hoe soorten reageren op veranderingen in het klimaat.
Fenologie volgen
Een handig hulpmiddel om deze veranderingen te volgen is LiveAtlas. Dit platform geeft op basis van complete vogellijsten dagelijks inzicht in de gemiddelde meldingsfrequentie van veel vogelsoorten in Nederland. Op basis van ingevoerde tellingen wordt zichtbaar waar soorten voorkomen en hoe groot de kans is om ze ergens te zien. Door waarnemingen in te voeren ontstaat vrijwel in realtime een beeld van terugkerende en vertrekkende vogelsoorten. Bovendien kun je deze gegevens vergelijken met eerdere jaren, waardoor veranderingen in timing en aantallen te zien zijn. Daarnaast worden deze gegevens doorgestuurd naar het EuroBirdPortal. Daar worden gegevens uit verschillende Europese landen gecombineerd. Op interactieve kaarten is zo te volgen hoe vogelsoorten zich gedurende het seizoen door Europa verplaatsen. Daarmee wordt bijvoorbeeld zichtbaar wanneer soorten vanuit zuidelijkere gebieden weer naar Noordwest-Europa trekken.
Zomergasten melden zich
Wat laten de actuele gegevens zien? In de top tien van soorten waarvan de meldingsfrequentie het sterkst toeneemt ten opzichte van vorige week, staan onder andere Roodborsttapuit, Tjiftjaf, Witte Kwikstaart, Kneu, Boomleeuwerik, Grutto en Zwartkopmeeuw. Wanneer het aantal meldingen wordt vergeleken met dezelfde periode vorig jaar, vallen enkele soorten extra op. Kneu, Zwartkopmeeuw, Witte Kwikstaart en Tjiftjaf worden momenteel ongeveer twee keer zo vaak gemeld. Dat kan verschillende oorzaken hebben: sommige soorten zingen eerder of intensiever vanwege het mooie weer, terwijl andere soorten simpelweg hun territoria eerder bezetten. Ook Roodborsttapuiten en Boomleeuweriken worden vaker gemeld dan rond dezelfde tijd vorig jaar, al is dat verschil minder groot. Wat bovendien te zien is, is dat de terugkeer van Grutto’s dit jaar ongeveer een week later op gang is gekomen dan in 2025 (zie figuur 1).
We hebben het hier natuurlijk over meldingen gedurende een korte periode. Om een echte vergelijking te kunnen trekken, zijn meer gegevens over een langere periode nodig. Tot nu toe lijken de verschillen met vorig jaar klein, het blijft afwachten welke invloed het weer de komende tijd op de vogels zal hebben.
Wintergasten vertrekken
Het voorjaar betekent niet alleen dat vogels terugkeren – soorten die in ons land overwinteren, zetten de komende tijd koers naar hun broedgebieden verder naar het noorden of oosten. Ook dit vertrek is goed zichtbaar in LiveAtlas. Soorten als Kleine Zwaan, Wilde Zwaan, Topper, Nonnetje, Grote Zaagbek, Tafeleend en Brilduiker worden momenteel minder vaak gemeld dan een week geleden. Als voorbeeld staat in figuur 2 de meldingsfrequentie voor de Grote Zaagbek. Hier is de langzaam afnemende meldingsfrequentie goed te zien. Dit wijst erop dat de voorjaarstrek geleidelijk op gang komt.
Dagvlinders en andere soortgroepen
Hoewel LiveAtlas is opgezet voor de invoer van vogeltellingen, worden er ook andere diergroepen ingevoerd. Zo kunnen ook waarnemingen van bijvoorbeeld vlinders en zoogdieren worden doorgegeven. Daarmee ontstaat een breder beeld van de veranderingen in de natuur. Op dit moment is bijvoorbeeld te zien dat ook de meldingsfrequenties van Citroenvlinders en Dagpauwogen toenemen. Net als bij vogels hangt hun activiteit sterk samen met temperatuur en zonneschijn. Wanneer de eerste warme dagen zich aandienen, verschijnen deze soorten weer in het landschap.
Het veld in
Hoewel gegevens en grafieken een goed overzicht geven van deze ontwikkelingen, blijft de leukste manier om het voorjaar te volgen toch een bezoek aan het veld. In de vroege ochtend is al een indrukwekkende kakofonie aan vogelgeluiden te horen. Roodborsten en Winterkoningen laten zich luid horen, terwijl Zanglijsters met hun krachtige zang soms het hele koor domineren. Ook Heggenmussen en Boomkruipers zingen weer volop. Een bezoek aan het veld krijgt extra waarde wanneer je een lijstje bijhoudt in LiveAtlas – je observaties dragen immers direct bij aan het grotere geheel.
Help mee met LiveAtlas
Meedoen aan LiveAtlas is verrassend eenvoudig. Waar je ook bent, je kunt altijd een telling starten en alle vogels die je waarneemt bijhouden. Extra handig is dat je LiveAtlas kunt koppelen aan je account op Waarneming.nl – als je dat hebt – waardoor je invoer automatisch op beide plekken zichtbaar wordt. Zo vang je twee vliegen in één klap.